Van der Heijden meldde zich vanaf het begin aan de kop van de wedstrijd. In de eerste paar ronden vormde hij samen met de Fransman Sarrou en de Nieuw-Zeelander Gaze de kopgroep. Na een valpartij van Gaze sloot de Tsjech Vastl zich aan bij het leidende tweetal. In de vierde ronde reed Sarrou, afgelopen jaar dominant in de wereldbekers, lek. Van der Heijden maakte hier goed gebruik van en wist een gaat te slaan met Vastl. Na het wisselen van zijn wiel wist Sarrou zich terug te werken in de wedstrijd en zelfs Vastl nog te passeren. Het gat met van der Heijden was echter te groot, de meervoudig Nederlands kampioen uit Drunen pakte met 37 seconden voorsprong de wereldtitel.